Home/Publicaties

Weigering omgevingsvergunning, vertrouwensbeginsel, belangenafweging, schadevergoeding

Tijdschrift voor Bouwrecht, TBR 2020/109, augustus 2020, mr. T. Groot

Download de publicatie: TBR 2020/109

Op 10 juni jl. oordeelt de Raad van State over een zaak over het vertrouwensbeginsel. Deze komt ook voorbij in de veelbesproken aflevering van 4 juni jl. van Opstandelingen (NPO). Een gezin in Aadorp vraagt een omgevingsvergunning aan voor het bereiden en leveren van maaltijden aan groepen mensen in een gehuurde loods met dart- en biljartclub. Meermaals is toegezegd dat die vergunning verleend zal worden. Als puntje bij paaltje komt verleent het college van de gemeente Almelo echter geen vergunning. De onvrede van de familie is te begrijpen. Maar betekent dit volgens de Raad van State dat de vergunning alsnog moet worden verleend? Nee, maar is de Afdeling niet te beperkt in het vertalen van de beroepsgronden van het gezin? Thom Groot gaat hier in TBR op in.

2020-08-07T14:18:30+02:00

Begrip bouwwerk. Recreatieark Aqua Vive.

AB Rechtspraak Bestuursrecht, AB 2020/260, afl. 28 – 2020, mr. T. Groot

De Raad van State heeft zich op 13 mei jl. moeten uitlaten over de vraag of de recreatieark ‘Aqua Vive’ in Uitdam een omgevingsvergunningplichtig ‘bouwwerk’ betreft. Deze rechtsvraag speelt niet alleen in de gemeente Waterland. Gelijksoortige discussies spelen in nogal wat andere gemeenten in Nederland. De reden hiervoor is dat dergelijke (‘varende’) woon- of recreatiearken steeds populairder worden. Het oordeel van de Raad van State is dus relevant voor de praktijk. Ook vanuit oogpunt van rechtsontwikkeling is de zaak interessant, nu het de kwalificatie van ‘bouwwerk’ in relatie tot de Wabo verder helpt. Meer hierover weten? Thom Groot schrijft erover in AB.

Download de publicatie:AB 2020/260.

2020-07-27T15:47:38+02:00

Gevolgen van enige betekenis en een laagdrempelige toegang tot de bestuursrechter. De stand van zaken bij belanghebbendheid.

Tijdschrift voor Bouwrecht, TBR 2020/90, juli 2020, mr. T. Groot

Ook als buurman ben je niet altijd belanghebbende bij een besluit zoals een bestemmingsplan of vergunning. Niet als de gevolgen van dit besluit van geringe betekenis zijn. Uitgangspunt is dat degene die rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt van een activiteit die een besluit toestaat, in principe belanghebbende is bij dat besluit. Het criterium “gevolgen van enige betekenis” dient als correctie op dit uitgangspunt. Gevolgen van enige betekenis ontbreken indien de gevolgen van de activiteit voor de woon-, leef- of bedrijfssituatie van betrokkene dermate gering zijn dat een persoonlijk belang bij het besluit ontbreekt. In TBR zet Thom Groot uiteen hoe door de Raad van State invulling wordt gegeven aan het criterium van “gevolgen van enige betekenis”.

Download de publicatie: TBR 2020/90.

2020-07-20T14:15:53+02:00

Bestemmingsplan. Beroep op vertrouwensbeginsel loopt weer stuk. Geen toezegging door inspanningsverplichting gemeente in anterieure overeenkomst.

AB Rechtspraak Bestuursrecht, AB 2020/243, afl. 26 – 2020, mr. T. Groot

De Raad van State deed op 15 januari jl. uitspraak over de weigering van een gemeenteraad om een bestemmingsplan vast te stellen op verzoek van een bedrijf. Dit bedrijf wil zijn veehouderij saneren en een tankstation en wasstraat realiseren. Het bedrijf beroept zich op het vertrouwensbeginsel. Dat beroep loopt stuk, nu geen sprake is van een toezegging van de gemeenteraad. Er is weliswaar een anterieure overeenkomst gesloten tussen het bedrijf en de gemeente, maar die overeenkomst zou slechts een inspanningsverplichting inhouden om een bestemmingsplan in procedure te brengen en niet een resultaatverplichting om dit bestemmingsplan vast te stellen. Accepteert de Raad van State daarmee alleen onvoorwaardelijke toezeggingen? Thom Groot beantwoordt deze vraag in AB.

Download de publicatie: AB 2020/243.

2020-06-24T15:20:28+02:00

Bestemmingsplan. Beroep op vertrouwensbeginsel loopt stuk op stap 1. Geen toezegging zoals door appellante gedacht.

AB Rechtspraak Bestuursrecht, AB 2020/242, afl. 26 – 2020, mr. T. Groot

De Raad van State deed op 18 december jl. een interessante uitspraak over een bestemmingsplan en een beroep van een bedrijf op het vertrouwensbeginsel. Dat beroep slaagt niet, omdat geen sprake is van een toezegging van de overheid. Volgens Thom Groot lijkt het erop dat de Raad van State de lat bij het aannemen van een toezegging vrij hoog legt; wat door een bedrijf is gewenst – in de uitspraak gaat het bv. om het planologisch toestaan van zelfstandige verkoop van sierbestrating en tuinartikelen – moet één-op-één overeenkomen met het onderwerp van de toezegging. Een begrijpelijke benadering, omdat het vertrouwensbeginsel niet tot onwerkbare situaties mag leiden voor bestuursorganen. Erg vriendelijk voor bedrijven is het echter niet. Zou dat wel de insteek moeten zijn? Thom Groot gaat hier in het tijdschrift AB op in.

Download de publicatie: AB 2020/242.

2020-06-24T15:21:28+02:00
Go to Top